Het was een gezellige ochtend op een gemiddelde werkdag. Met z’n drietjes stommelen we wat op de overloop, traphekje dicht. Quinten moppert wat over het tandenpoetsen en aankleden, maar uiteindelijk kunnen we netjes op tijd naar beneden. Manlief loopt voor en Quinten gaat er achteraan. Ik ben in de veronderstelling dat manlief voor hem blijft lopen, maar die loopt door de huiskamer in, in de veronderstelling dat ik voor Quinten loop.

Slowmotion in sneltreinvaart

Op het moment dat ik dat door heb, zie ik ook Quinten uit balans raken. Op dat moment gaat de tijd snel en langzaam tegelijk. Ik schreeuw heel hard: “DION, SNEL! VANGEN, SNEL!”, ik hoor mijn eigen stem nog een hele rare sprong maken, maar manlief is te laat. Quinten valt naar beneden, van bijna boven aan de trap, en knalt vol met z’n hoofd tegen de muur aan (bocht in de trap), voordat hij als een lappenpop door rolt naar beneden…

Oh mijn God, dit was het… Dit is nooit meer terug te draaien. Huil, beweeg, Quinten alsjeblieft. Beweeg, schreeuw.

LIGGEN LATEN! GEWOON LIGGEN LATEN!

Die ene seconde, na die val. Die duurde eeuwig. Ik heb nooit geweten hoeveel gedachten in één seconde de revue konden passeren, maar dat waren er nogal wat. Ik had van alles in mijn handen, en ben naar beneden gerend. Waar die spullen zijn gebleven, die ik vast had, weet ik niet meer. Manlief is ondertussen bij Quinten, hij huilt. Godzijdank, hij huilt. Manlief wil hem oppakken, maar ik heb zijn hoofd tegen de muur zien knallen en schreeuw: “LIGGEN LATEN, GEWOON LIGGEN LATEN!” Ik ga bij zijn hoofd zitten en probeer uit te leggen dat hij zijn benen moet proberen te bewegen. Dat doet hij niet, ik raak in paniek.

Beweeg alsjeblieft je benen, lieverd

Quinten was natuurlijk ook heel erg geschrokken en in paniek. Toen hij wat rustiger werd, bewoog hij zijn benen en kon hij, met een beetje hulp van ons, gewoon opstaan. Binnen vijf minuten is meneer heerlijk aan het spelen met zijn piratenschip en eet hij twee boterhammen met appelstroop weg.

Ik ben die moeder wiens peuter van de trap gevallen is

En ik? Ik laat me zakken tegen de voordeur in de hal en kan niets meer uitbrengen. Ik hoor het gezellige geklets uit de woonkamer komen en realiseer me alleen maar dat dit zó ontzettend verkeerd had kunnen aflopen. Het geklets klinkt me als muziek in de oren, maar tegelijkertijd doet het heel veel pijn. Ik ben die moeder wiens peuter van de trap gevallen is. Het schuldgevoel overspoelt me op dat moment, en is nog niet weg geweest tot nu. Oh mán, als dit verkeerd was afgelopen, had ik het mezelf nooit, maar dan ook nooit kunnen vergeven. Mijn peuter, mijn kleine lieve peuter, is van de trap gevallen. Dit zou mij toch nóóit overkomen?

Mijn lieverdje

Mijn lieve kleintje komt de hal in lopen en ziet mij tegen de deur aan zitten, in tranen. “Mama, ikke geschrokken. Jij ook, hè?!”, en hij krijgt weer tranen in zijn ogen, omdat ik zit te huilen. Ik krijg een dikke, hele dikke knuffel en hij zegt: “Ai lof joe, mama. Toe de moen en bek.” (I love you, mama, to the moon and back). Mijn lieverdje, die van de trap gevallen is en vervolgens mij moet komen troosten. Ik moet echt veel zuiniger op hem zijn…

En daar komt het weer, dat enorme schuldgevoel… Het overspoelt me en laat me niet los.

Melanie

~~ Stay real, stay loyal or stay away ~~