Ken je dat beeld. Een peuter die zijn zin niet krijgt, al stampvoetend aan het schreeuwen is, gefrustreerd is. Dat gevoel dat heb ik nu steeds vaker. Steeds vaker zou ik willen schreeuwen, willen stampvoeten, doof ze zijn doof! Niet horend, niet slechthorend maar doof!

De juiste stempel: doof

Ik ben niet zo van de stempels. Maar als ze dan willen stempelen moeten ze wel de juiste stempel erop drukken. Steeds meer en steeds vaker doen ze net alsof onze mannen horend zijn. Wie houdt hiermee wie voor de gek? Het is een frustratiepunt, zo erg dat mijn bloed er steeds meer door gaat koken. Maar vooral vind ik het heel pijnlijk. Niet zozeer voor mij, ik worstel, boks en schreeuw mezelf er wel doorheen ik kan relativeren. Maar voor mijn mannetjes.

Mag ik doof zijn?

Steeds vaker krijgen wij hier vragen over. Bijvoorbeeld, wat gebeurd er als ik mijn ci’s afzet en ze niet meer op wil doen? Niks is onze reactie, dan gaan we gebaren. Maar wat er zou er werkelijk gebeuren als hij straks ineens besluit dit te doen? Wij laten onze heren vrij in deze keuze. We hebben destijds gekozen voor een ci met de hoop dat de spraak goed zou ontwikkelen. Niet omdat we vonden dat er iets “gemaakt” moest worden. Ze zijn doof en blijven doof. Ci geeft ze de mogelijkheid geluid waar te nemen. Ci is een hulpmiddel. Mijn kinderen zijn perfect zoals ze zijn, en hoefde niet gemaakt te worden! Of, waarom mag ik niet doof zijn? Verwijzend  naar volwassen dove mensen in onze omgeving, die geen ci hebben. Lieve mannetjes, van ons mogen jullie doof zijn. Maar als ze doof mogen zijn, waarom hebben we dan toch gekozen voor een ci? Onze hoop was dat onze mannen goed zouden leren spreken. Nou dat doel is ruimschoots behaald, soms zou ik willen dat ze even hun mond hielden 😉

Alles op leren horen gericht

Voor mij gevoel wringt het daar vaak. Je besluit voor je kind om voor een ci te gaan. Alles is op het leren horen gericht. Binnen de revalidatie is geen plek om doof te zijn. Bij de oudste volgde we keurig de adviezen op. Wanner wel de ci op en wanneer niet. Op den duur leer je wel om je kind te volgen maar toch heeft het even geduurd. Bij de jongste konden we dat helemaal loslaten en volgde we vooral ons kind. De audioloog heeft me regelmatig aangekeken met de mededeling hij heeft zijn ci weinig gedragen. Inmiddels kende het ci team ons en wisten ze ook wel hoe wij erin stonden. Hun de kennis over het horen, wij de kennis over ons kind. Het is prettig dat dit dan toch goed samen kan gaan, we voelen ons gehoord en begrepen door het ci team.

De term doof raakt in opspraak. Want mag je bij vroeg geïmplanteerde kinderen wel spreken van doof? Dat ze het zich überhaupt durven af te vragen en er een discussie van maken. Voor ons staat heel duidelijk vast onze kinderen zijn doof en blijven doof en daar mogen ze trots op zijn!

Nancy van Bommel

Nancy | Huismanager | Moeder | Zus | Chaoot | Positief | Denker | Gebarentaal